Opvoeding en ontwikkeling

Het team van Simba levert een bijdrage aan de opvoeding en het welbevinden van kinderen. Binnen de opvang bieden we kinderen de mogelijkheid om zich veelzijdig te ontwikkelen. Door het geven van aandacht en het bieden van veiligheid, geborgenheid en vertrouwen creëren we een sfeer waarin een kind zich zo goed mogelijk kan ontwikkelen en uitdagingen aan durft te gaan.


Pedagogisch Beleid

Ons pedagogisch beleid is gebaseerd op vijf belangrijke uitgangspunten:

  • het delen van de opvoedingsverantwoordelijkheid met ouders;
  • het bieden van veiligheid, geborgenheid en vertrouwen;
  • het versterken van een positief zelfbeeld;
  • het stimuleren van de zelfredzaamheid;
  • het volgen van ontwikkeling & gedrag en het signaleren/uitwisselen

We kiezen continue voor een positieve benadering van het kind.
Een positief zelfbeeld is de basis van de hele ontwikkeling.

Zelfvertrouwen

Kinderen die zelfverzekerd in het leven staan piekeren minder, kunnen zich beter concentreren en voelen zich vaker ‘lekker in hun vel’ zitten. Zelfvertrouwen krijg je niet in één keer, maar kun je opbouwen. Bij Simba besteden we veel aandacht aan het vergroten van je zelfvertrouwen. We laten de kinderen zichzelf zijn, respecteren ze en kiezen voor een positieve manier van benaderen. We maken gebruik van ‘How2talk2kids’, een methode waarmee je effectief kunt communiceren met kinderen. Kinderen raken hierdoor gemotiveerd om na te denken, te leren, door te gaan en in zichzelf te geloven.

Zelfredzaamheid

Zelfredzaamheid is het vermogen om voor jezelf te kunnen zorgen zonder directe hulp van anderen. Om op te groeien tot een volledig zelfstandig (volwassen) mens moet een kind zich onafhankelijk durven en kunnen opstellen. Bij Simba stimuleren wij de zelfredzaamheid aangepast aan de leeftijd met als doel het steeds zelfstandiger worden. Zelf met een vorkje je brood eten, zelf aan- en uitkleden, zelf je jas aandoen, zelf de bekers naar de keuken brengen, zelf je brood smeren, zelf je schoenen aandoen, zelf naar de wc gaan, zelf opruimen… Stapje voor stapje groter en zelfstandiger worden!

Pedagogisch beleidsplan per locatie

In ons pedagogisch beleidsplan -per locatie- kunt u meer lezen over onze visie op het verantwoord opvoeden van een kind in een groep, met als doel het kind een veilige plek te bieden waar het zich veelzijdig kan ontwikkelen:

Pedagogisch beleidsplan dagopvang Zilvermeeuwstraat

Pedagogisch beleidsplan dagopvang Leuningjes

Pedagogisch beleidsplan dagopvang Zeester

PB BSO Ichthuschool 4+

PB BSO 8+ 

PB BSO Poeldijk V

PB BSO Zeester

Pedagogisch Beleidsplan Kabouters Zeester, april 2016


Spelen = ontwikkelen

Spelen is onmisbaar voor de ontwikkeling van kinderen en een manier van bezig zijn die de hele kindertijd belangrijk blijft. Spel stimuleert kinderen op de verschillende ontwikkelingsgebieden.

Creativiteit

Creativiteit is onderdeel van het spel en stimuleert de fijne motoriek. Het plezier en het ontdekken van de verschillende materialen (klei, verf, papier, lijm, potloden etc.) is belangrijker dan het resultaat (de unieke kunstwerkjes).

Grove motoriek

Een baby maakt al allerlei bewegingen met de handjes en gaat kruipen, rollen, stoeien, bellenblazen etc. In deze fase heeft een kind veel plezier met bijvoorbeeld een kiekeboe-spelletje, ‘klap eens in je handjes’ of rollen met een bal. De ontwikkeling van de jongste baby’s (4-12 maanden) stimuleren we op een speelse manier met behulp van ‘Basic spelen’: ontwikkelingsgerichte spelletjes met eenvoudige materialen. Met kleine aanmoedigingen worden bewegingen geactiveerd en groeit het zelfbewustzijn van de baby.

Klimmen, klauteren, fietsen, steppen, rennen, dansen en springen: al het bewegen stimuleert de grove motoriek en zorgt ervoor dat kinderen de mogelijkheden van hun lichaam ontdekken.

Bij droog weer gaan we dagelijks naar buiten. Lekker op ons eigen plein of wat verder weg. We bieden activiteiten in de buitenlucht en ontdekken samen de natuur. We brengen de kinderen in contact met dieren, de natuur of de seizoenen: wandelen naar de kinderboerderij, uitwaaien op het strand of takjes & blaadjes verzamelen om mee te spelen. Met kaplaarsjes en kinderparaplu’s kunnen wij ook met regen lekker een frisse neus halen.

Fijne motoriek

Met fijne motoriek bedoelen we bewegingen die je met een klein gedeelte van je lichaam maakt (bijvoorbeeld schrijven, iets kleins oppakken, knippen, een sleutel in het slot steken). De fijne motoriek oefenen kinderen o.a. met speelgoed vasthouden, neerleggen en oppakken, knutselen en voelspelletjes.

Sociaal-emotioneel

Samen zijn in een groep betekent dat je naar elkaar kunt kijken (‘hé, dat ga ik ook proberen’) en samen kunt spelen. Hierdoor leer je samen te delen en rekening te houden met elkaar. Tijdens het spelen leert een kind stapje voor stapje zelfstandig te worden.

Fantasiespel

Bij fantasie- of rollenspel imiteren kinderen de rollen of het gedrag van een dier of mens. Meestal is dat geen letterlijke imitatie, maar het kind speelt zijn of haar beleving. Bijvoorbeeld ‘gevaarlijke tijger’ of ‘lief poesje’ ‘moeder-en-kind’ om zijn of haar gevoelens te uiten.

Zintuiglijke ontwikkeling (horen, zien, ruiken, voelen)

Door kinderen in aanraking te laten komen met verschillende materialen stimuleren we de zintuigen. Hoe voelen bladeren uit de boom? Hoe ruikt een bloem en hoe voelt scheerschuim aan je vingers? Snoezelen voor de kleinsten en steeds meer ontdekken.

Muziek

Door kinderen van jongs af aan met muziek in contact te brengen, help je om het muzikaal vermogen te ontwikkelen. Bij sommige muziek val je fijn in slaap, van andere muziek wordt een kind juist wakker of zelfs heel vrolijk. Als muziek samengaat met woorden, een beweging (visje, visje in het water) of een dansje (Jan huigen in de ton) wordt ook de taalontwikkeling en de grove motoriek gestimuleerd.

 Cognitief

Kinderen krijgen tijdens het spelen de kans om zelf nieuwe dingen te ontdekken en uit te proberen. Spelenderwijs leren dus! Met ‘kiekeboe-spelletjes’ met de baby’s en ‘wat is weg?’-spelletjes met de peuters wordt bijvoorbeeld op een speelse manier het cognitieve geheugen ontwikkeld. “Dat is de rode beker” “Hoeveel boterhammen kun jij op?”

Taal- en spraak

Voordat kinderen gaan praten, is de taalontwikkeling al in volle gang. In de ‘voortalige’ fase begrijpt een kind al veel, maar gebruikt het zelf nog geen woorden. Het stimuleren van taal en spraak is dus al bij de allerjongsten van belang. Door met de kinderen te praten, begrippen en gevoelens te benoemen, veel te herhalen, vragen te stellen, voor te lezen en te zingen werken we aan de taal- en spraakontwikkeling .

Simba heeft een enthousiaste groep vaste voorleesvrijwilligers. Regelmatig komt een voorleesoma of opa op de groepen boekjes voorlezen. De kinderen kijken erg uit naar hun bezoekjes. Gezellig samen op de bank of buiten in het zonnetje lezen en samen kletsen over het verhaal en de plaatjes. Jaarlijks doen we mee aan de Nationale Voorleesdagen, altijd een gezellig voorleesfeest.

Voorbereiding op de basisschool (VVE)

In dreumes-, peuter- en 3+ groepen maken we gebruik van het taalprogramma Uk en Puk. In dit programma zijn verschillende thema’s uitgewerkt waarmee we met de groep of individueel werken. Bij elk thema horen activiteiten die de verschillende ontwikkelingsgebieden stimuleren. Voor wat betreft de taalontwikkeling zijn o.a. de woordenschat, het in gesprek zijn met de kinderen, de juiste vragen stellen, spelend leren, begrippen, kleuren en vormen terugkerende onderdelen. De activiteiten rondom Puk zijn een leuke en leerzame voorbereiding op de basisschool.

Ook de jongeren kinderen maken kennis met Puk, het programma biedt ook voor de allerkleinsten activiteiten die de ontwikkeling stimuleren.

Observeren en signaleren

Bij Simba kijken we continue naar wat een kind kan, doet en hoe het zich gedraagt. Het observeren is gericht op de veiligheid, de ontwikkeling en het welbevinden van de kinderen. Met welbevinden bedoelen we ‘hoe het met een kind gaat’ op de groep. Naast veiligheid en een optimale ontwikkeling is het van groot belang dat kinderen zich prettig en op hun gemak voelen in de groep. Door te observeren leren we het kind nog beter kennen en zien we wat er goed gaat en wat beter kan.

Opvallend gedrag

Ieder kind is uniek en in een groep zijn er dus geen twee kinderen hetzelfde. In een groep leeftijdsgenootjes kunnen we wel spreken van een ‘gemiddelde ontwikkeling’ en een ‘gemiddeld gedrag’. Soms valt een kind op omdat het duidelijk en herhaaldelijk anders is in gedrag en/of ontwikkeling. Of we merken dat een kind zonder duidelijke reden opeens een heel ander gedrag vertoont. In deze gevallen spreken we van ‘opvallend gedrag’.

We bespreken het gedrag of de ontwikkeling van het kind met de collega’s op de groep. We informeren ouders en bespreken gezamenlijk of en wat er nodig is om het kind verder te begeleiden of te stimuleren.

Protocol Kindermishandeling en Huiselijk geweld

Simba werkt volgens de meldcode Kindermishandeling en Huiselijk geweld. Dit is een wettelijke verplichting binnen de kinderopvang. De meldcode geeft met behulp van een stappenplan aan hoe te handelen wanneer er signalen zijn die kunnen duiden op huiselijk geweld of kindermishandeling, kindermishandeling gepleegd door een beroepskracht of seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen kinderen onderling.